Beschermingsbewind

Wanneer iemand lichamelijk of geestelijk niet meer zelf zijn financiële zaken kan regelen, kan de kantonrechter hem of haar onder beschermingsbewind stellen. De kantonrechter wijst dan iemand anders aan als beschermingsbewindvoerder.

Er zijn drie redenen om bewindvoering aan te vragen:

  1. het hebben van een geestelijke- of verstandelijke beperking, of dementie;
  2. het hebben van een lichamelijke beperking;
  3. het hebben van (problematische) schulden.

Vanaf het moment dat u onderbewind gesteld bent, mag u niet meer zelf beslissen wat er gebeurt met uw geld. De beschermingsbewindvoerder is daarover dan de baas. Wel probeert hij altijd zoveel mogelijk met u te overleggen. De beschermingsbewindvoerder legt ieder jaar verantwoording af aan de kantonrechter.

Simpel gezegd is het de taak van een bewindvoerder om te zorgen dat een cliënt alles ontvangt waarop hij/zij recht heeft. En dat alles wordt betaald wat er moet worden betaald. Het afbetalen van grote schulden behoort in beginsel niet tot het werk van een (beschermings-)bewindvoerder. In die gevallen zullen wij trachten een traject voor schuldhulpverlening of WSNP te starten.

De belangrijkste werkzaamheden voor iemand onder beschermingsbewind zijn:

  • de betaling van de vaste lasten
  • het bewaken van de inkomsten
  • het aanvragen van de uitkeringen
  • behandeling/doorzending van post
  • contact met de instellingen
  • afsluiten van verzekeringen
  • aanvragen van kwijtscheldingen
  • aanvragen van toeslagen, zoals zorg- en huurtoeslag
  • belastingaangifte

Uw inkomsten zullen wij op een aparte rekening beheren. Die rekening wordt geopend op uw naam, zodat u juridisch eigenaar blijft. Van de beheerrekening betalen wij de vaste lasten en alle bijkomende noodzakelijke onkosten. Verder openen wij doorgaans nog een rekening waarop wij uw leefgeld overboeken. U krijgt dan een bankpas waarmee u in alle winkels en bij alle banken kunt pinnen.